En plots was het september.

Ik snap écht niet hoe het zo snel voorbij is kunnen gaan. Dat groot verlof van 2017. Daarnet was het nog juni en hoopten we hartstochtelijk dat de hittegolf toen de voorbode zou zijn van een fabuleuze zomer. Plots is het volop september, zijn de scholen weer open en kondigt de herfst zich genadeloos aan.

Zou een leven met kinderen dan toch harder gaan dan een leven zonder?
Of raast het sneller voorbij omdat we ouder worden?

Nee, tuurlijk niet. De klok tikt voor ons allemaal aan exact hetzelfde, genadeloze tempo. Al voelt niet iedereen die hete adem in zijn of haar nek. Hoe meer je in het moment leeft, hoe langer dat moment duurt. Hoe meer je combineert en vooruit loopt op de feiten, hoe korter het lijkt.

Nu, ik heb genoten hoor. Heel hard zelfs. Van onze waanzinnige reis naar Canada. (Waarover trouwens nog heel wat posts gepland staan!) Van dat weekend aan zee met de allerliefste vrienden. Van een waanzinnige feest-driedaagse op Pukkelpop. Van drie spetterende verjaardagsparties. Van mijn werk voor Familie, RTV en nog een paar andere zeer fijne opdrachtgevers. Van het spelplezier van mijn kinderen. Van de bezoekjes aan mijn ouders en grootouders.

Maar ik ben hier en daar ook vergeten te ademen. Dat moet ik even eerlijk toegeven. De intensiteit lag bij momenten misschien een beetje té hoog. Zowel qua werk als qua ontspanning. Er was altijd wel iets. Zelfs een zogezegd vrije dag werd al snel gevuld. Er tussendoor moest er ingepakt worden. En uitgepakt. En gewassen. En over-en-weer gereden. En gepoetst.

En getobt over al die fijne mensen waarmee ik nog wilde afspreken, maar waar er geen tijd meer voor overbleef.

Ik weet nochtans beter.

Ja, zo komt het dus dat het bijna Sinterklaas én Kerstmis én Nieuwjaar is. En dat ik eigenlijk alweer verlof kan gebruiken.

Om van mijn verlof te bekomen. 

Fun met Finn én Rowen. De eerste!

Ik heb er twee nu die praten. Serieus praten I mean. En dan vergeet ik eigenlijk nog veel te vaak om al die gekkigheden en absurde conversaties neer te schrijven. Een bloemlezing uit wat ik wél onthouden heb:

FINN:

“Omi, jij hebt dikke ballen!” Hij bedoelt billen. (En for the record: hij heeft ongelijk.)

“Ik weet nog niet wie de enge juf is.” Hij bedoelt: wie de strenge juf is.

“Als ik win dan heb ik gewonnen.” Duidelijk, toch?

“Als ik 10j ben, moet ik dan nog bolletjes? Want dan luister ik al.” Aha, tot dan blijven we bewust niet luisteren dus en hebben we dat beloningssysteem nog nodig?

“Mijn juf heeft ook een huis!” Gelukkig seg.

“Als wij gestorven zijn dan worden wij skiletten en dan kan iedereen ons zien.” Zoals de dino’s hé.

ROWEN:

“Picke-nicke, dat is gewoon boterhammen eten.” Nee, niet onder de indruk van deze klas-activiteit.

“Weet ik niet. Weet JIJ dat?” Zo jong en al altijd de bal terugkaatsen.

“Wij zijn met de juf naar de Colraat geweest.” (Hij bedoelt de Colruyt.)

“Mama, als je honger hebt dan moet je eten en als je dorst hebt dan moet je drinken. Ja hé? Ja hé mama?” Ik weet al helemaal hoe de wereld in mekaar zet, maar je moet toch even bevestigen moeder. Zoiets.

En tot slot nog een mooi bericht vanop het toilet: “Mama, ik heb een lange worst gedaan!” Knap hoor jongen.

 

Meer (vuile) praat van de oudste? Hier onder andere.

Erika op trot in eigen land: Sint-Truiden.

En toen mocht ik wéér naar Limburg, ja. Naar Sint-Truiden dan nog wel. Hoofdstad van Haspengouw. Parel in de fruitvallei. Ambitieuze, maar niet eens overdreven titels. Het is echt een superfijn stadje. En je maakt er ook heel makkelijk de perfecte natuur-cultuur combo.

De goeie Sint-Truiden vibes lieten zich bij mij al meteen voelen toen we op een zonnige zaterdagochtend op het imposante marktplein arriveerden. De wekelijkse markt was in volle gang, de terrasjes zaten vol. Een pak nieuwe terrasjes, veel trendy zaken. Ik had er gerust nog wat langer willen rondhangen, ware het niet dat er nog heel wat ander leuks op ons wachtte.

De fruitvallei-wandeling bijvoorbeeld. Die start achter het station (waar je je auto gratis kan parkeren) en voert je in no time de velden in. Wij kozen voor de kortste van de drie uitgestippelde routes. Die is 2,7 km lang en dus perfect voor korte, snel vermoeide kinderbeentjes. De buggy kan zelfs mee als je wil (en als het niet geregend heeft de dagen ervoor). Je loopt langs en tussen de fruitbomen, passeert een insectenhotel en een kikkerpoel en halverwege is er een gewéldige speelwijde/pic-nic plek. Haal op voorhand wat lekkers bij Dony Gourmet Store en het idyllische plaatje is compleet.

Nog meer fruitgeluk kregen we later op de middag, in Fruitbedrijf JacobsDaar ben je op bepaalde dagen in het seizoen welkom om je eigen kersen (of appels, later dit jaar) te plukken. Je wordt het veld in gereden met de tractor, doet je ding daar (plukken én eten dus) en achteraf betaal je gewoon wat er in je mandje ligt. Wij hebben alleszins nog een hele week van onze buit gesmuld. Eigen pluk smaakt trouwens honderd keer beter dan supermarkt-stuff.

Oh, en net als je denkt dat de dolle kinderpret hierna nog moeilijk te overtreffen is, kom je terecht bij  ‘t Kelshof in Domein Nieuwenhoven. Een gezellige brasserie, met een groot terras en zicht op de meest waanzinnige speeltuin. Echt een waar paradijs, waar we een pak langer dan verwacht zijn blijven hangen.

Ook onze lunchplek op zondag was zonder meer zalig: ‘t Speelhof. Een groene oase middenin de stad, die z’n naam alle eer aan doet. Lekker eten, lekker spelen. Zij bezig, wij op ons gemak.

En dan moet ik het tot slot toch ook nog even hebben over die magische plek waar we geslapen hebben. Het Land van Engelingen. Vakantiehuis én ontspanningsoord, zo pogen de eigenaars het te omschrijven. Ik noem het een thuisje op het einde van de wereld. Een prachtig landgoed in Helshoven, Borgloon. Op een kwartiertje van Sint-Truiden centrum, maar oh zo ver weg in je hoofd. Een oord waar ooit het water van de Herk het molenrad van de Engelingenmolen liet draaien. Ondertussen verbouwden Lieve en Freddy de vervallen schuur en het oude molenhuis tot 4 duurzame vakantiewoningen, waar 24 gasten kunnen verblijven. De boomgaard werd in ere hersteld. Naast een ecologisch waterzuiveringsstation is er nu ook een fantastische natuurlijke zwemvijver. En ze hebben de meest fotogenieke ezels rondlopen.

Perfecte weekends, ze bestaan.
(In Limburg toch alleszins.)

Mijn 25 tips voor een betere work-life balance.

Nee, ik heb er geen burn-out voor moeten krijgen. Zelfs geen bijna burn-out. Het moederschap heeft voor de klik gezorgd en de keuze voor het ondernemerschap deed de rest. Mijn leven is het merendeel van de tijd heerlijk in balans. Ik werk én ik geniet. Werk en vrije tijd lopen quasi over in elkaar. Daar kan je jaloers op zijn óf je kan er kei-hard zelf voor gaan. 

Zo’n evenwicht overkomt je immers niet, je kiest ervoor. Heel bewust. En ook al besef ik dat niet iedereen op elk moment in zijn of haar leven in de mogelijkheid is om de stappen te zetten die ik heb gezet. Ik ben er wél van overtuigd dat iedereen iets kan doen. Je hebt altijd keuzes in het leven. En zelfs de kleintjes betekenen soms een wereld van verschil.

Ik zet je dus graag op weg. Zodat je kan stoppen met afgunstig te zijn op mensen die het wel voor mekaar lijken te hebben. Het zijn uiteraard geen absolute waarheden die ik verkondig, wel stukken uit het parcours dat ik zelf heb afgelegd. Ideeën en tips waarvan ik hoop dat ze ook voor jou betekenisvol kunnen zijn.

  1. Less is more. Durf keuzes maken. Voor jezelf en voor je kinderen. Een dag heeft maar 24u en van die 24 slaap je er best ook een paar.
  2. Kwaliteit is belangrijker dan kwantiteit. Vroeger was ik nooit thuis, er viel altijd wel érgens iets te beleven. Maar als ik heel eerlijk ben, was het niet elke avond zo’n groot feest. Terwijl ik nu driedubbel geniet als ik op stap ga.
  3. Leer dus nee zeggen. Ik zeg meer nee dan ja. Zowel op professioneel gebied als privé. Als je wil kan je elke dag volproppen, maar op de duur werk je eerder een lijstje af. En beginnen ook leuke dingen aan te voelen als een verplichting. Het is trouwens niet verboden om zo weinig mogelijk tegen je zin te doen.
  4. Bekijk alles wat je doet en iedereen die je ziet even heel kritisch. Met welke vrienden wil ik écht contact houden? Welke afspraken doen er écht toe? Van wie of voor wie moet ik dit? Wat gebeurt er als ik hier of daar niet naartoe ga? Weinig meestal. Geloof me. Forget the FOMO!! En steek zeker geen tijd in negatieve zaken of mensen.
  5. Oftwel: kijk naar wat je écht gelukkig maakt, wat écht van belang is. Vul aan met al de rest.
  6. Weet ook waarom je voor iets kiest. Is het niet voor de inhoud, dan misschien wel voor het geld. Of voor de leuke mensen. Elke reden is in principe valabel, zo lang jij ze bewust geeft.
  7. Plan voldoende tijd voor je lief, je gezin, je familie en je vrienden. Zij zijn je core, zij zullen er in principe altijd voor je zijn. Dat kan je helaas niet van je werkgever zeggen. Je kinderen zijn ook maar één keer klein, je (groot-)ouders leven niet eeuwig.
  8. Maak je niet al te druk om alles wat je niet meer kan doen omdat je kinderen hebt. Je krijgt er andere dingen voor in ruil. En het verloopt ook allemaal in fases. Als je kinderen ouder worden, krijg je vanzelf weer meer ruimte voor jezelf.
  9. Kijk sowieso naar wat je hebt in plaats van naar wat je niet hebt.
  10. Heb geen spijt. Je neemt beslissingen op een bepaald moment in je leven. Je hebt geen vat op de toekomst.
  11. Keuzes en prioriteiten verschillen trouwens van levensfase tot levensfase. Het is dus helemaal oké om ze af en toe te herbekijken.
  12. Neem weer een old school agenda. Zo hou je een veel beter overzicht op je activiteiten.
  13. Laat genoeg ruimte vrij in je agenda. Rustmomenten zijn zo belangrijk. Ofwel neem je die rust effectief, ofwel creëer je zo ruimte voor onverwachte dingen of afspraken. Toevalligheden of onverwachte uitnodigingen maken mij altijd gelukkig.
  14. Ik gruwel van een agenda die weken of maanden op voorhand vol zit. Dat je wil afspreken en het eerstvolgende vrije weekend bevindt zich 3 maanden verder.
  15. Een halve dag vrij is beter dan niks, maar hier en daar probeer ik ook een dag of een paar dagen leeg te houden. Voor een tripje in binnen- of buitenland. Want echte stress verdwijnt niet instant en letterlijk afstand nemen helpt. Eén langere vakantie per jaar is trouwens weinig. Dat moet je een heel jaar uitkijken naar en daarna teren op die paar weken. Probeer je vakantiedagen eens te verdelen over het hele jaar.
  16. Hobby’s voor je kinderen zijn tof, want je wilt hun ontwikkeling stimuleren of je wil dat ze mee kunnen met hun vriendjes. Uiteraard. Maar is het écht nodig dat ze én tekenschool én muziekschool én judo én scouts doen? Jij bent immers vaak diegene die maar over en weer moet rijden.
  17. Durf voor jezelf te kiezen. En denk dan even ook echt alleen aan jezelf. Hoe kort of klein die momentjes ook zijn, pak ze nondedju! Een massage of een yogasessie kan wonderen verrichten.
  18. Sport in het algemeen doet wonderen. Voor je lijf en voor je hoofd!
  19. Als het financiële je tegenhoudt om je werk anders aan te pakken of van werk te veranderen, bedenk dan goed wat je wil: nu leven? Of later leven? Sparen is fijn en een goed pensioen komt hopelijk ooit enorm van pas. Maar wil dat zeggen dat je alleen maar moet werken voor later? Misschien komt er geen later. The time is now babies! En now kan je misschien ook met een beetje minder centen gelukkig zijn.
  20. Durf te zeggen wat er scheelt. Tegen je lief of tegen een baas. Misschien zijn je wensen zo zot nog niet of is je probleem veel minder groot dan je denkt. Een nee heb je, een ja kan je krijgen.
  21. Word zelfstandige, ga 4/5 werken of probeer gewoon zoveel mogelijk flexibiliteit op je werk te versieren. Alles wat je écht gelukkig maakt enkel in korte avonden en weekends proppen, zorgt voor véél stress.
  22. Durf springen. Maak je dromen waar. Keuzes zijn niet per se for life. Niks in het leven is definitief. Als iets niet uitdraait zoals verhoopt, begin je gewoon opnieuw. Mij helpt het om te denken: “Wat is het ergste dat me kan overkomen als ik hiervoor ga?” En meestal valt dat gewéldig goed mee.
  23. Leg de lat misschien ook eens wat lager. Dat wil namelijk niet zeggen dat je ze niet hoog genoeg legt. 
  24. Je kan nooit ever aan ieders verwachtingen voldoen of voor iedereen even goed doen. Probeer dat dus ook niet. Wees mild voor jezelf.
  25. Meer houvast nodig? Meer zicht op je werkpunten en levensdoelen? Dan is de succesplanner van Niki en Stephanie misschien wel iets voor jou. (Met de code ErikaSP17 koop je ‘m zelfs met 25 procent korting!)

Jij nog tips? Vul gerust aan in de comments!

 

Ik geef ook lezingen over dit thema. Meer info via Read my Lips.

Over mijn was en mijn plas. En mijn afval.

Ik hang ‘m zo veel mogelijk buiten, mijn was. De propere dan toch. Daar heb ik jullie vorig jaar rond deze tijd ook al over verteld.

Want telkens je de was te drogen hangt – buiten aan een droogmolen of zelfs binnen aan een droogrek – spaar je je was, het milieu én je portemonnee. Een klein gebaar dat een groot verschil kan maken. Brabantia helpt je daar maar wat graag bij trouwens, met stijlvolle droogrekken en droogmolens in verschillende formaten.

Welke droogoplossing je ook kiest, Brabantia en WeForest planten er in ruil een boom voor in Africa’s Great Green Wall. Hoe geweldig is dat? Sinds het begin van de Love Nature- campagne in 2015 zijn er zo al meer dan 700 000 bomen geplant. En dit jaar hopen de partners de kaap van het miljoen te overschrijden.

En ook de New Icon van Brabantia is een bijzonder zinvolle aankoop. Die stijlvolle pedaalemmers ruimen immers niet alleen je eigen afval op. Met de aanschaf van een New Icon steun je eveneens The Ocean Cleanup, in hun strijd om zo veel mogelijk plastic uit de oceanen te vissen.

Erika experimenteert: op reis met Pegase.

Een paar weken terug, tijdens de krokusvakantie, heb ik mijn jongens én mijn ouders getrakteerd op een reisje naar de Turkse Rivièra. Het werd een topvakantie ter plaatse, daar heb ik het eerder al eens over gehad. Maar ook onderweg was het fijn, met dank aan de premium service van Pegase. Privileges all the way, écht waar. En die renderen alleen maar éxtra hard als je kinderen bij hebt.

Zo werden we thuis opgehaald én weer afgeleverd met een luxueus privé taxi-busje. Aan de check-in mochten we via de fast lane. En de wachttijd tot aan het boarden hebben we totaal ontspannen gespendeerd in de VIP lounges van Brussels én Antalya Airport. Eten en drinken à volonté daar, gratis wifi én rust. Zo fijn dat ik bijna hoopte dat onze vluchten vertraging hadden.

Meer weten? Elk type vakantie heeft zijn exclusieve Pegase privileges. Wij kozen voor een upgrade van onze vliegvakantie. Maar er zijn ook waanzinnige voordelen als je kiest voor een autovakantie, een ontdekkingsreis, een exotische vakantie of een citytrip.

Erika presenteert: de Fat Moose zandbak.

Ik ben dan toch gezwicht, ja.

Wij hebben een nieuw speeltje in de tuin: de FATMOOSE SandSeat zandbak.
Esthetisch verantwoord én uitgerust met een klapdeksel dat je tot zitbank kan omtoveren.

De jongens zijn fan. En hun moeder ook. Alleen moet ze nu natuurlijk nóg vaker stofzuigen.

We namen er trouwens ook de SmartFoil Antiworteldoek bij. Kwestie van geen ongedierte en wortels te kweken!

Erika bekent: ik heb stoute kinderen.

Eerlijk duurt het langst lieve mensen. En levert ook meer op dan het hoog houden van de schijn. In het beste geval misschien zelfs wat herkenning en troost. En die zou ik wel kunnen gebruiken ja.

Niet dat je me zover krijgt dat ik zeg dat ik gefaald heb als moeder. Zo helder kan ik het nog wel bekijken. Maar helemaal goed pak ik het precies toch ook niet aan, die opvoeding van mijn kinderen. Mijn twee luide, bijzonder levenslustige kleuters. Die overal opgemerkt worden. En niet zelden in weinig positieve zin.

De jongste kan zich nog verschuilen achter de zogeheten terrible three. Heeft zijn broer ook mogen doen destijds. Maar five zou toch funky moeten zijn, dedju?

Ze zien mekaar doodgraag, mijn jongens. En toch geeft de ene de andere vaak liever een djoef op de mulle dan een liefdevolle knuffel. Ze weten best wanneer het allemaal wat stiller mag of zelfs moet. En toch scheppen ze er plezier in om juist dan hun keeltje nog wat verder op te zetten. Ze beseffen heel vaak perfect dat ze beter kunnen, en toch doen ze dat bewust niet.

“Blijf van mekaars lijf. Eet verder. Eét verder. Finn, je bent weer vergeten dat je aan het eten bent. Blijf daar af. Laat je broer gerust. Raap dat op aub. Meen je nu dat je dat melkje weer omver gegooid hebt? Die boterhammen zijn goed zoals ze zijn. Gisteren moesten ze zoals bij opa, nu zijn ze zoals bij opa en is het weer niet goed. Wat zeg je dan? Juist ja, pardon/alstublieft/dankuwel. Kleed je verder aan. Je hebt nog geen schoenen aan. Vraag gewoon wat je nodig hebt lieve schat in plaats van meteen hysterisch te panikeren. Nee, je gaat die dikke jas aandoen anders ga je kou hebben. Stap in de auto aub. Aan je eigen kant. Geef die tut terug aan je broer aub. Stop met ruzie maken over dat ‘dingetje’. Waarom willen jullie toch altijd per se met hetzelfde spelen, jullie hebben tonnen speelgoed verdorie! Blijf in je bedje liggen aub. Ga terug naar je bedje aub. Het interesseert me niet wie er begonnen is. Jullie zullen allebei wel iets gedaan hebben. Enzoverder enzovoort…”

Waarom? Waarom toch? Waarom maken ze het hun moeder soms zo verdomd moeilijk? Waarom leren ze zo weinig bij? Waarom snappen ze na al die tijd nog altijd niet dat de ochtend-en avondrituelen voor iedereen een stuk aangenamer zouden verlopen als ze voor één keer meewerkten? De procedure is elke dag exact dezelfde, waarom doen ze niet eens spontaan wat van hen verwacht wordt? Waarom zien ze niet in dat braaf zijn een pak meer oplevert dan stout zijn?

Soms, enfin, meer dan mij lief is, voel ik mij een soort sergeant. Altijd drillen. Altijd opjagen. Iets te vaak mijn stem verheffen. De wanhoop uitschreeuwen. De goesting krijgen om fysiek pijn te doen zelfs, in de ijdele hoop dat dát wel een oplossing zou zijn. Dat ze dan wél de klik zouden maken. Maar zo ben ik niet. Echt niet. Zo wil ik ook niet zijn.

Nu voor je me vertelt dat er heus wel andere manieren zijn… Lief en kalm heb ik ook geprobeerd, hoor. Blijf ik proberen zelfs. Alles geduldig uitleggen. Positief zijn en belonen als het kan. Straffen en streng zijn als het moet. Maar allemaal met even veel of eerder even weinig effect. Een oplossing is altijd geweldig tijdelijk. In de long run is er geen blijvende vooruitgang. Frus-tre-rend, niet normaal.

En toch weet ik dat het goed komt. Ooit. In een zo dichtbij mogelijke toekomst pleassssse. Voor ik compleet gaga word. Want eigenlijk ben ik heel stabiel van nature. En blij. En content. En op een dag moeten mijn crazy kinders dat ook wel zien en voelen en… overnemen. Ja toch?

Er zijn trouwens nog altijd een hoop waanzinnig fijne momenten. Die mag ik nooit vergeten. Dan zie ik de mooie mensen die diep vanbinnen in die kleine monstertjes verscholen zitten. Nee, ik zou ze voor geen geld ter wereld willen missen, mijn jongens. Hoe vaak ik ze ook (binnensmonds) vervloek. Weet je trouwens dat ze de eersten zijn om hun mama te komen troosten als ze haar zelf hebben doen huilen?

I love them to pieces. En juist daarom doet hun dagelijkse circus me soms zo vreselijk veel pijn.

Pret met Rowen, part I.

Na maar liefst 11 lijstjes Fun met Finn is het hoog tijd voor een allereerste Pret met Rowen. Klinkt iets minder allitererend, I know, maar de inspiratie wil even niet mee. En de inhoud is belangrijker dan de titel, toch?

Gek eigenlijk dat het zo lang geduurd heeft voor onze jongste een eigen rubriek te pakken heeft. Z’n mondje staat niet bepaald stil. Hij is veel sneller beginnen praten dan zijn broer en doet het bovendien liever, spontaner én beter. Het kind heeft op drie jaar écht al een behoorlijk uitgebreide woordenschat. Al vergelijk ik zijn repertoire vooral met dat van Finn natuurlijk, en die is toch altijd meer een man van daden dan van woorden geweest.

Anyway, het is een feest om Rowen bezig te horen. Voor alles heeft en geeft ie een uitleg. En soms blijft hij- alsof hij de aandacht nog harder naar zich toe wil zuigen- even licht stotterend hangen: “Ma, ma, ma, ma… .” Om dan vervolgens zijn visie, bemerking of oplossing uit de doeken te doen. De werkwoorden minder goed vervoegd dan een tijdje terug weliswaar. Maar bon, dat schijnt een normale fase te zijn.

Wij horen ‘m, tussen al die gekkig- en slimmigheden die vaak zo goed geformuleerd zijn dat de mop er (te) snel af is, heel graag deze oneliners geven:

“Ik ga da meer ni doen.” Dat hij het dus niet meer gaat doen. Ja schattig is ie genoeg, hoor. Braaf iets minder. Maar zo komt hij er toch altijd een beetje mee weg.

“Niks! Nihiks!” Nog voor we onraad ruiken, verklapt onze kleinste jongen zichzelf. Heerlijk.

“Wawel!” Als in ‘wél waar’.

“Papot!” Stuk dus.

“Zo is dat niet mama!” Hij weet het altijd beter dan zijn moeder uiteraard.