Fun met Finn en Rowen, part III.

Wat is er weer veel veranderd sinds de vorige Fun met Finn en Rowen.

De oudste is zowaar een voorbeeldig 2e leerjaar-kind geworden. Nog altijd licht chaotisch, maar slimmer in so many ways. Onderhandelen en afspraken maken, lukt al aardig. Alsof ie stilaan het ruimere plaatje ziet. De fixatie op bloed en pijntjes is weg. Hij valt niet langer flauw bij het minste spatje. Dat hart van hem wordt wel alleen maar groter. Zo zorgzaam, zo bekommerd om iedereen. Ik vind dat wonderlijk mooi om zien.

Kleine Rowen, da’s dan weer de witte van Zichem. Die zoeft door het leven. Met een ingebouwd helmpje. Veel lawaai, risico’s zoekend, maar altijd de dans ontspringend. Licht dictatoriaal ook bij momenten. Wij moeten opletten dat we hem niet te veel ontzien met die engelachtige, blonde lokken, die lieve puppy-oogjes en dat zachte kusmondje van hem. Een wolf in schaapsvacht, ja. Nog niet zo ver dat ie het grotere geheel ziet. En dus toch wel wat crisismomenten hier en daar. Zagen, zeuren, een plaat die wel heel lang kan blijven hangen. Tot hij zijn zin krijgt en weer naar start mag. Hij is wel eindelijk van zijn pamper af ‘s nachts. En van zijn tut en zijn flesje. Alsof het nooit anders geweest is.

Nog new in town: een giga voetbal-obsessie. Sinds het WK en de introductie van FIFA18 op de Playstation. En maar discussiëren over wie er nu de allerbeste is: Messi of Ronaldo. En al hun moves exact kopiëren. En oefenen tegen honderd per uur. Binnen, buiten, thuis en op school. Rowen is naar eigen zeggen een ‘prokeep’. Smijt zich, met gevaar voor lijf en leden, enthousiast naar elke bal. Zijn knietjes moeten elke avond stevig geschrobd worden. Finn wil vooral een goeie spits zijn. En voetballen in een echte club. Dat laatste moeten we nog eens rustig bekijken.

Enfin, dat is het zo ongeveer. Hoewel er natuurlijk nog het één en ander veranderd is voor hen het laatste half jaar. Maar daar hebben we ‘t later dan wel over. Als ook de grote mensen betrokken in dat verhaal hun weg weer gevonden hebben.

De leuke uitspraken van de voorbije maanden dan maar. Want daar draait deze post uiteindelijk om.

Finn:

“Komen Messi en Ronaldo uit een ei of uit een buik?”

“Nee, ik geef geen kus aan Ronaldo, ik blaas gewoon naar hem”. (Hij was aan het kijken naar een filmpje van zijn idool en bracht de computer plots érg dicht naar zijn mond.)

Rowen:

Hoe heet het kindje van een paard? “Een heuveltje”. (hij bedoelt veulentje.)

“Mama, waarom duurt het zo lang voor wij groot worden? Ik heb al keiveel ge-eet!”

“Hoeneer?” Oftewel twee vragen in 1 klap: hoe én wanneer?

Al fietsend, nadat mama al een paar keer gezegd heeft dat hij vooruit moet kijken en beter moet opletten. “Mama ik zie alles. Ik heb wel 2 ogen, hé! Ik kan de weg zien én die auto.”

Ook existentiële vragen en bedenkingen vliegen mij hier om de oren. Ik weet niet meer precies van welk kind welke vraag kwam:

“De boeven wonen toch het verst van ons, hé?”
“Boeven dragen streepjes hé mama?”

“Zijn er ook échte skeletten?”
“Als je dood bent zit er dan nog eten in je buik?”
“Hoe kan de zon zo sterk zijn om alles te laten smelten?”
“Kunnen auto’s smelten?”
“Kan de zon bewegen?”
“Misschien moeten we overal ijsblokjes leggen, in alle landen, zodat de sneeuw niet smelt.”

Fun met Finn én Rowen, part II.

Doeme toch. Ik vergeet te vaak om al die leukigheden op te schrijven. Het zijn er nochtans wel wat, de zotte uitspraken van mijn zonen. Hier nog eens een bloemlezing uit wat ik wél op tijd heb neergepend.

FINN (6,5 jaar)

“Mama, ik wil ook hubo doen.” Hij bedoelde judo, maar met een vader die nogal vaak naar de doe-het-zelf winkel gaat, ontstaat er al eens verwarring.

“Heeft dat kindje pluisjes en nietjes?” Hij had het over luizen en neten.

-In de categorie ‘minder sympathiek’: “Ik wou dat ik geen broer had, dan zou ik ook geen ruzie maken.”

-En bij grote opwinding: “Mama, ik kan al niet meer wachten tot het morgen is!”

 

ROWEN (4 jaar)

“Wij waren vandaag bij de dierenarts en daar was een jommes hond en een meisjes hond.” Jongens zijn altijd jommes bij mijn jongste.

“Als je dood bent, dan word je in een put gegooid en dan komt er zand tussen jou.” Niet eens zo’n slechte voorstelling van de werkelijkheid.

-Soms is Rowen minder schattig en wordt hij een kleine dictator met driftbuien. Terrible 4 it is: “Jij moet nu bukken en mijn kousen aandoen!”

-Als hij voor de zoveelste keer in Spiderman-outfit wil gaan slapen, inclusief zijn muts/masker en ik zeg: “Rowen, zo kan je toch niet ademen?” “Maar ik wil ook niet ademen!!”

-Als zijn keeltje pijn doet: “Mama, mijn kinnetje doet pijn.”

-En mijn favoriet: “Mama, als wij geslapen hebben, is het dan morgen?”

 

Meer lezen in dit genre? Hier ondermeer!

 

Jullie 8 favoriete posts van 2017.

Jullie favorieten van het voorbije jaar. Dank om zo vaak te komen lezen!
See you in 2018?

  1. Time flies. Zeker als je kleine kinderen hebt.
  2. En plots was het september.
  3. Fun met Finn en Rowen.
  4. Help, mijn kind is nog niet klaar voor de lagere school.
  5. Mijn 25 tips voor een betere work-life balance.
  6. 10 Simpele ideeën voor meer balans in je leven.
  7. Erika bekent: ik heb stoute kinderen.
  8. Hallo 2017, wij zijn er klaar voor. Of toch ongeveer.

Fun met Finn, part X.

Oh wat kijk ik uit naar Rowens eerste lijstje in dit genre. Maar helaas, wat hij zegt is nog nét niet grappig genoeg. (Sorry, ik leg de lat hoog voor deze rubriek.) We doen het dus nog een keertje met zijn broer. Die is ondertussen al toe aan aflevering 10.

  • “Drinken gaat naar de piemel en eten naar de buik. Ja toch?” 
  • “Oude mensen zijn soms dood.”
  • “Mama, weet jij wat concentreren betekent?” “Ja liefje, maar leg jij het eens uit?” “Euh… dat ben ik vergeten.” (Terwijl hij de focus dus al lang weer kwijt was.)
  • “Mama, weet jij wat what the fuck! betekent?” (zonder te wachten op mijn antwoord) “Dat betekent: amai nee, zo is dat niet! Of: maar nee, dat kan toch niet!”
  • “Mijn papa is verliefd op mijn mama, want ze geven kusjes!”
  • “Mama, wat zit er in jouw vingers?” “Botten… geraamte… skelet…” “Nee mama, alleen geraamte, geen skelet.”
  • “Met welke vriendjes heb je vandaag gespeeld, Finn?” “Ik weet dat maar ik ga dat niet zeggen.” “Waarom niet?” “Omdat jij anders alles weet en je weet al veel!”
  • “K3 is voor meisjes. K3 is stom. En saai.” Maar wel meezingen natuurlijk.
  • Terwijl we voorbij het ziekenhuis komen waar ik bevallen ben: “Hier ben jij geboren Finn! Hier ben jij uit mama’s buik gekomen!” “Nee dat wil ik niet, ik wil alleen uit papa’s buik komen. Maar dan gaat die wel ontploffen.” Euh… oké dan.

 

Meer leuke quotes van mijn oudste, lees je hier.

Fun met Finn. Zijn leukste uitspraken, part IV.

zoersel - 11

Tegen het vergeten van zo veel moois en minstens even veel gekkigheid. Een vierde deel in deze reeks.

Finn: “Mama jij bent stout!” Ik: “Waarom? “ Finn: “Omdat je niet braaf bent!”. Bam! Zeg daar maar iets op terug.

We zitten samen aan tafel maar de zon schijnt in zijn ogen: “Stoute zon! Jij mag niet naar mijn feestje komen. En jij moet naar de gevangenis. En ik ga jouw in de haaien gooien. En vechten.” Zo, dat zal de zon niet gauw meer opnieuw proberen.

Mama: Rowen gaat niet naar de crèche vandaag, hij moet naar de dokter. “ Finn: “Heeft hij buikpijn?” Dokters zijn er om iets te doen aan buikpijn. Voor andere dingen hoor je er niet naartoe te gaan.

Hij roept zijn broer nu ook ter verantwoording mét voor- en familienaam: “Rowen Sjelfout! Wat doen wij daar?”

“Op de boerderij van Jef… Ia ia o!” Blijkbaar de Nederlandse vertaling van ‘Old McDonald had a farm’. Heerlijk. Ik hou ervan als hij plots liedjes begint te zingen die hij op school geleerd heeft. Zijn versie van “Leve de Zeppelin’” is ook zalig.

Nog opgepikt in de klas: “Eigen sjult dikke bult!”

Terwijl hij halfnaakt rondsjeest op zijn autootje en ik ‘m ondertussen wil aankleden voor school: “Nee mama, ik ga in bloot naar school.”

Eén van de jongens van zijn klas heeft er een broertje en een zusje bijgekregen. Mama: “Hoe heten ze?” Finn: “Woody en Buzz’je (Lightyear)!” Yeah right.

Papa: “Wil je naar Dora kijken, Finn?” Finn: “Perfect!” (in het Engels). Ook geleerd van datzelfde (over-)educatieve programma: “Kom mama, let’s go!”.

Na een hele periode waarin hij elke nacht rond halfdrie bij ons in bed kroop, blijft hij tegenwoordig zonder problemen in zijn eigen bedje liggen. En daar is hij bijzonder fier op: “Mama, ik heb flink in mijn eigen bedje geslaapt!”.

“Nee mama, de pipi komt daar nog niet uit.” Als ik hem vraag om voor vertrek nog eens naar het toilet te gaan.

Of als hij wél op de wc zit: ” Da ruikt ier wel een beetje” en “Rowen mag ni aan mijn kaka komen”.

“Ik ga jou bloed geven!”. Niet in de sympathieke Rode Kruis-betekenis helaas.

Nu al een uitleg voor alles: “Ik heb Rowen ni gesjot, ik heb alleen gestampt.”

Net voor het slapengaan: “Mag ik Rowen nog eventjes pijn doen? Heel eventjes maar?” Euh… nee.

“Mama, mijn lipjes doen pijn nu.” Als hij een heel gezelschap goeiedag heeft moeten kussen.

 

Meer uitspraken van Finneman, lees je hier. En hier. En hier.