De fases van Finn.

Misschien kraai ik nét iets te vroeg victorie, maar kom, als je zijn mindere periodes belicht, moet je ook plaats durven maken voor de mooie momenten. Ik heb het dan over het parcours van mijn oudste zoon Finn. Want die is de laatste weken ongelooflijk veranderd. Alweer. En deze keer nog eens in zeer positieve zin. Halleluja!

Niet dat het een braaf dutske geworden is, dat nu ook weer niet. Finn blijft een fel jongetje dat zeer goed weet wat hij wil en nog beter wat hij niet ziet zitten. En van een motje hier en een pitske daar is hij ook nog altijd niet vies. Maar dat hoeft niet (meer) zo erg te zijn. Op voorwaarde dat zijn zachtere kant vaak genoeg de bovenhand haalt én hij zijn grenzen goed genoeg blijft aanvoelen. Aan mij/ons om die duidelijk te blijven aflijnen.

Wat er dan wel gewijzigd is? Wel, het duivelse grijnsje van weleer is verdwenen. Hij luistert beter, is liever, aanhankelijker, extraverter én meer geïnteresseerd. Hij staat open voor de wereld en wil bijleren. Dat is heerlijk om zien. En maakt het (samen)leven een stuk aangenamer. Ook in de klas is er verandering merkbaar. Alleen van puzzelen wil hij nog steeds niet weten. Laat de anderen maar rustig 100 stukjes leggen, Finn is perfect tevreden met een stuk of 10. Want dan is het ook niet zo belangrijk of je al dan niet met de randjes begint.

Ach, hij zal het uiteindelijk ook wel doen. Gewoon wat later dan zijn leeftijdsgenootjes. Als hij er écht zin in heeft. Daarvoor iets proberen te forceren, is vergeefse moeite. Zo consequent is en blijft hij wel.

En ik heb mij daar bij neergelegd. Serieus deze keer. Want een moeder die oprecht rust gevonden heeft omdat ze haar kind neemt zoals het is, geeft die boodschap onbewust door aan dat kind in kwestie. Daar ben ik redelijk van overtuigd. Hij voelt nu dat ik denk: “Lieve Finn, ontdek je talenten en verken je emoties maar rustig, op je eigen tempo. Dat is een even goed tempo als alle andere tempo’s. Uiteindelijk komt het allemaal goed, want je bent best een geweldig kind.”

Dat en de tijd die simpelweg zijn werk heeft gedaan. Het kind is een paar weken ouder én dus wijzer. (Bij)leren gaat snel als je jong bent.

Eindejaarslijstje 1: jouw en mijn favoriete posts van 2015.

elle en tractors - 1

Looking back… over my shoulder…

Maar liefst 130 blogposts heb ik dit jaar op de wereld losgelaten.
Dit- zo blijkt toch uit mijn fancy statistiekjes- waren jullie 10 favorieten:

  1. De 40 zinnen die elke peuter- en kleuterouder gebruikt.
  2. 8 dingen waar papa’s beter in zijn dan mama’s.
  3. 25 dingen waar je bij een tweede kind niet meer van wakker ligt.
  4. De 10 geheime afspraken van de peuter- en kleuterclub.
  5. 13 dingen die je niet zegt, maar wel denkt als je net bevallen bent.
  6. Erika vindt werk.
  7. Op vakantie met kleine kinderen. Erika deelt haar ervaringen en tips.
  8. Erika experimenteert: Functional training.
  9. Kinderen hinderen, zei ze.
  10. Help, mijn kleuter heeft geen hobby.

 

En dit zijn de mijne:

  1. Gaan we eindelijk voor dat bestand in mamaland?
  2. Erika bekent: het échte leven van een mama.
  3. Erika deelt haar doodgewone dingen.
  4. De heerlijkheden van het moederschap.
  5. My moon, my men.

 

Morgen: nog een eindejaarslijstje! Eentje met daarin de leukste webshops van 2015! Jeuj!

Help! Mijn kleuter heeft geen hobby.

delhaize - 1

Ik was zelf pas vijf toen ik voor het eerst een (bescheiden) hobby had. Pré-ballet, één uurtje per week. Nothing less, maar vooral nothing more.

Tegenwoordig zou dat de wenkbrauwen doen fronsen. Niet omdat het ballet betrof. Wel omdat ik er zo ‘laat’ mee begonnen ben. En het betere tutu-werk bovendien niet combineerde met minstens drie andere vrijetijdsactiviteiten.

Mijn oudste zoon is vier jaar nu en als ik het zo hoor en zie, is hij begot de enige van zijn maten zonder hobby.

Ik ben (voorlopig) niet verontrust, maar ik zou liegen als ik zeg dat ik de druk niet voel. Flarden van een gesprek met drukbezette collega-moeders in de cafetaria van de lokale sporthal vorige week, zinderen nog na. Terwijl onze koters zich aan een proefles multimove waagden, klonken de mama-gesprekken ongeveer zo:  “De mijne doet … en … en juist, ook nog…”. ‘Oh ja, die van ons ook … en dan nog …. en ….”. “En straks gaan we nog snel even langs de bib.” “En zaterdag naar het zwembad”. “Oh en met de wintervakantie voor de deur, denken we aan skiles op de borstels.” “En hockey misschien, want het moet toch niet altijd basket of voetbal zijn, hé…”

Kinderen moeten gestimuleerd en talent mag gecultiveerd worden. Helemaal mee akkoord. Maar uiteindelijk kunnen ze de essentiële dingen in het leven toch allemaal, niet? En hebben kleuters niet ook recht op en vooral nood aan écht vrije tijd? Ravotten en spelen zonder meer, zonder specifiek doel zelfs? Kan dat nog? Mag dat nog? Zomaar wat aanmodderen als je vier bent?

Hoe het dan bij Finn zit? Wel, die multimove vond hij op zich best leuk. Alleen heeft het kind na de bewuste les drie uur lang geslapen en is hij vervolgens even uitgeput opgestaan. Doodmoe en niet bepaald vrolijk.

Een hele week naar school gaan, is voor hem al uitdagend en vermoeiend genoeg. Daar hoeven niet nog eens zeven hobby’s bij. Finn weet trouwens niet eens wat een hobby is. Terwijl zijn vrienden hun ‘extraatjes’ doen, is mijn jongen dus aan het dutten of lekker aan het spelen. Met kranen en gravers. In de tuin. Of binnen in zijn ‘kamp’. Geen idee welke specifieke vaardigheden hij ermee leert, maar dat hij er deugd en plezier van heeft, is duidelijk. Lijkt me voldoende dus. Voor een kleuter van vier.

Later zien we dan wel weer. Ik laat me niet meer opjagen. En stiekem ben ik ook blij dat Taxi Van Tielen nog even niet hoeft uit te rijden.

Terrible three. Een dag uit het leven van een contraire kleuter.

Processed with VSCOcam with t1 preset

Ik vond zijn 2-jarige zelf eigenlijk best meevallen, nu ik de 3-jarige versie beter leer kennen. Finnie 3.0 is- vergeleken met de 2.0- stukken mondiger, zelfbewuster, sterker, koppiger, manipulatiever, selectief dover, uitdagender, stouter én niet in het minst veel categorieker. NEE! is zijn standaardantwoord. Overal, altijd en op alles. Wat de vraag ook is. Enkel als hij merkt dat het om cadeautjes of chocolade gaat, zal hij zij zichzelf snel corrigeren. In zowat alle andere omstandigheden is onze oorlog officieel begonnen. Een bikkelharde strijd tussen een moeder en een kind met zeer uiteenlopende agenda’s. Geen handeling of activiteit waarbij we niet van mening verschillen. Hij geeft nooit toe, ik moet soms toegeven. Puur uit pragmatisme. Omdat de schoolbel nu eenmaal onverbiddelijk is. Omdat er nog voor een kleine broer gezorgd moet worden. Of omdat ik zelf ook wel eens aangekleed wil geraken. En ja, anders gewoon omdat ik het eindeloze gezeur (van hem) en gekijf (van mezelf) even kots kotsbeu ben. Opvoedkundige flater? Waarschijnlijk. Verzachtende omstandigheden? Zeker.

Een willekeurige dag uit ons leven.
Finn wordt lastig (tot zelfs behoorlijk boos) omdat:

– hij al wil opstaan, naar beneden gaan en boterhammen met choco eten, maar het daar nog veel te vroeg voor is. Lees: nog midden in de nacht is.

– hij door zijn getamboer van de avond ervoor niet uitgeslapen is en juist niet wil opstaan, ook al is het hoog tijd om zich klaar te maken voor school.

– zijn boterhammen met choco in de foute brooddoos aangeboden worden. Dat zijn mama nu nog altijd niet begrijpt dat een blauwe of een rode doos een wereld van verschil betekent.

– zijn melkje een blauw melkje moet zijn (zijn omschrijving van een soya-vanille drankje) en geen chocomelkje. Of omgekeerd.

– Rowen dichter bij hem aan tafel moet zitten. Of juist verderaf. Daarover wil hij al eens van gedacht veranderen. Meermaals. Per minuut.

– Rowen meer speelgoed moet krijgen. Of juist overal vanaf moet blijven. Alle speelgoed is van hem, dat weten de baby en ik toch al lang?

– hij van mama tijdens het eten niet mag kijken naar de Turtles. Of naar Spiderman. Of naar ondefinieerbare Japanse youtube-brol waar hij per ongeluk op terecht gekomen is. Ook niet als hij de naam van zijn favoriete helden ein-de-loos blijft herhalen.

– zijn bordje net iets te veel naar links op tafel staat. Of naar rechts.

– hij rustig wil eten. Of rustig niet wil eten. Wat het ook is die ochtend, mama moet zijn keuze respecteren en hem niet opjagen.

– hij moet stoppen met spelen om naar school te gaan. School kan wachten of hoeft niet vandaag.

– hij zijn mond moet open doen om zijn tanden te laten poetsen. Als je je lippen op mekaar perst, is dat toch veel uitdagender voor mama?

– ik hem wil aankleden. Hij kan dat toch al zelf? Toch als je hem een halfuurtje geeft en het niet uitmaakt dat hij zijn broek achterstevoren draagt en zijn t-shirt boven zijn trui zit.

– hij zijn jas aanmoet. Want da’s altijd een andere dan hij in gedachten had. En dan hebben we ‘t nog niet eens over mutsen en sjaals en handschoenen. Oh dear winter, please be kind to me!!

– zijn sokken scheef in zijn schoenen zitten en dat pijn doet. Hij heeft nogal snel pijn.

– hij op zijn gemak in de auto wil kruipen, niet snelsnel zoals ik hem daartoe aanspoor. En hij eerst nog een auto of een balletje wil halen om mee te nemen voor onderweg. Of nee, misschien toch liever een schroevendraaier of een knuffel. Of nee, …

– hij onderweg van de parking naar de schoolpoort een scheur in het asfalt opmerkt en zijn mama niet openstaat voor een gedetailleerde analyse van de schade.

– mama hem komt afhalen van school. Waarom? Kon papa hem niet oppikken? Hij zou trouwens liever met zijn vrienden meegaan naar de nabewaking.

– hij zijn traagterecord van de school naar de crèche graag scherper wil stellen, maar mama er al te stevig de pas in houdt. Pretbederfster!

– hij niet met het brandblusapparaat in de crèche mag spelen. Waarom staat dat ding daar dan zo ostentatief aan de deur?

– mama weeral het foute melkje mee heeft voor onderweg. En zijn speelgoed van ‘s ochtends weer uit de auto heeft gehaald. Ze snapt het echt niet.

– ik iets zeg of iets zing in de auto en dat mag hoegenaamd niet. Hij en hij alleen bepaalt of er al dan niet gecommuniceerd wordt.

– ik mijn stem verhef als er geen reactie komt op mijn vragen. Hij is immers stil met een reden: hij is naar de bomen aan het kijken.

– hij thuis zijn schoenen niet wil ruilen voor zijn pantoffels. Hij had ze nu net aan en zijn sokken zitten niet scheef.

– hij niet wil eten of drinken, ook al is dat het enige wat hem tot enige redelijkheid kan brengen. Hij wil dan ook vooral niet redelijk zijn. Wat voor een pussy 3-jarige zou hij anders wel niet zijn?

– hij niet in bad wil, want dan word je weer proper. Eikes!

– hij zijn haar niet wil wassen. Wie beweert er trouwens dat haar überhaupt gewassen moet worden? Water mag tot aan de nek en geen centimeter verder. Punt.

– ik het dopje al uit het bad getrokken heb. En guess what? Dat wou hij net doen.

– haren kammen bij (zijn) wet verboden is en ik het toch probeer. Stoute mama!!

– het voorgeschotelde eten nét niet is wat hij in gedachten had. En de tomaten in te kleine stukjes gesneden zijn. En de aardappelen in te grote.

– hij niet wil gaan slapen. Uiteraard niet. Nooit. Ook al is hij aan zijn twee oren tegelijk aan het frullen en weten we allebei dat dat zo veel wil zeggen als totale uitputting.

–  ik zijn boekje te snel voorlees. Of te traag. Of maar één keer. Of op de foute manier. En eigenlijk moest het een ander boekje zijn.

– de deur van zijn kamer niet open genoeg staat. Of het licht aan is. Of uit. Enfin, niet hoe het moet zijn.

Vermoeiend. Do-de-lijk vermoeiend. Maar na de upgrade naar de 4.0 wordt alles beter, toch? TOCH?????